PMV®-01 voor de tomatenteelt

Ontdek PMV®-01
Contacteer onze experten

Wat is PMV®-01?

PMV®-01 is een vaccinatiestrategie die sinds 2011 gebruikt wordt in de tomatenteelt onder glas om bescherming te bieden tegen het sterk infectieuze Pepinomozaïekvirus (PepMV). Met deze vaccinatiestrategie kunnen de ernstige kwaliteits- en productieverliezen veroorzaakt door PepMV op een duurzame en biologische manier vermeden worden.

PMV®-01 is het resultaat van 10 jaar wetenschappelijk onderzoek in onder meer België, Nederland en Spanje. Uit dit onderzoek bleek dat de beste bescherming tegen PepMV bereikt werd met een vaccinatiestrategie gebaseerd op een uniek, mild en stabiel Chileens PepMV-isolaat. Dit isolaat koloniseert de planten snel en beschermt ze nadien optimaal tegen PepMV schade. Met deze kennis werd vervolgens PMV®-01 ontwikkeld. Het product zelf heeft een gecertificeerd productieproces met strikte kwaliteitscontroles.

Maar PMV®-01 is meer dan het product alleen, het is een strategie. Het nemen van pre- en postvaccinatie bladstalen maakt deel uit van die vaccinatiestrategie. Pre-vaccinatiestalen worden genomen om de jonge planten op een mogelijke PepMV besmetting voor vaccinatie te controleren, terwijl post-vaccinatie stalen genomen worden om een succesvolle installatie van het vaccin te bevestigen.

PMV®-01 is toegelaten voor gebruik als biologisch bestrijdingsmiddel in de meerderheid van de Europese lidstaten en in een handvol landen buiten de Europese Unie. Dit aantal zal in de nabije toekomst nog toenemen. Momenteel zijn er nog verschillende evaluatieprocedures lopende zowel binnen als buiten Europa.

Sinds het allereerste gebruik werd PMV-01 over een totale oppervlakte van meer dan 4500 ha toegepast.

PMV-01

Wat is het Pepinomozaïekvirus?

Het Pepinomozaïekvirus (PepMV) is een enkelstrengig RNA-virus (Potexvirus genus, Fexiviridae familie) dat oorspronkelijk geïsoleerd werd uit pepino (Solanum muricatum), een Zuid-Amerikaanse meloen-achtige vrucht. Vanaf het seizoen 1999-2000 begon het virus schade te berokkenen aan tomatengewassen geteeld onder glas in Europa. Hoewel het virus enkel grote problemen geeft in de tomatenteelt, kunnen andere planten van de Solanaceae familie (Nachtschadeachtigen) ook als gastheer fungeren zoals aubergine, zwarte nachtschade, enkele aardappel en paprika variëteiten en enkele planten behorende tot de genera Nicotiana (vb. Tabaksplant), Datura (vb. Doornappel) en Physalis (vb. Physalis floridana).
Het virus is zeer infectieus en wordt mechanisch verspreid. Die mechanische overdracht kan gebeuren door gereedschap, personeel, bezoekers, gsm’s, insecten,… kortom alles waarbij er plantensap van een besmette plant in contact wordt gebracht met een niet-besmette plant. Eens het virus aanwezig is in een plant in een serre, is het door de snelle verspreiding van het virus onmogelijk de andere planten in die serre te behoeden voor een infectie. De verspreiding gebeurt bovendien heterogeen, wat een moeilijk stuurbaar gewas tot gevolg heeft.

Het meest typische en gekende symptoom veroorzaakt door PepMV is marmering van de vruchten. Maar ook bruine kroontjes, felle gele vlekjes op de bladeren en netelkop zijn typische PepMV symptomen. Naast deze meest typische symptomen zijn er ook een aantal schadebeelden gekend die kunnen versterkt worden door de aanwezigheid van PepMV maar die ook een fysiologische oorzaak hebben, zoals gevlamde vruchten of open vruchten.
Omdat het virus een RNA-virus is, verloopt het replicatieproces in de plantencel minder gecontroleerd en vinden er geregeld mutaties plaats. Zo zijn er twee atypische verschijningsvormen gekend die veroorzaakt worden door een mutatie in het virale genetisch materiaal, de vergelingsmutant en de necrotische mutant. Beide mutanten kunnen ernstige schade veroorzaken in het gewas.

Symptomen PepMV

Er zijn vier verschillende stammen van het virus bekend: De Chileense stam (CH2), de Europese stam (EU), de Peruviaanse stam (LP) en de Amerikaanse stam (US1). Binnen deze stammen bestaan er vele verschillende individuen die isolaten worden genoemd. In Europa is de Chileense stam (CH2) dominant en aanwezig in meer dan 90% van de infecties. Indien er meerdere stammen worden teruggevonden bij een infectie, is die infectie meestal agressiever dan wanneer het om één enkele stam gaat. Binnen de stammen is er echter ook variabiliteit tussen verschillende isolaten die tot eenzelfde stam behoren. Hoewel verschillende isolaten binnen éénzelfde stam genetisch erg op mekaar lijken, kunnen ze erg verschillen in agressiviteit in de plant, dus in de ernst van de symptomen en schade die ze veroorzaken. Zo bestaan er bijvoorbeeld zeer agressieve Chileense isolaten, maar ook zeer milde isolaten die minder symptomen veroorzaken.

De impact van een PepMV infectie voor de tomatenteler is variabel. Op basis van een enquête bij Belgische telers en op basis van verschillende praktijkproeven met diverse isolaten van PepMV, werden de verliezen op vlak van kwaliteit geschat tussen 4 tot 15% met daar bovenop nog productieverliezen van 4 tot 12%. Verschillende factoren dragen bij aan deze variabiliteit. De genetische identiteit van het virus -welk isolaat van welke stam- dat de infectie veroorzaakt is een van die factoren. Het moment in de teeltcyclus waarop de infectie plaatsvindt, is een andere factor met belangrijke impact op de schade die berokkend wordt. Zo heeft men bij een infectie vroeg in het seizoen als de plant nog geen vruchten draagt, typisch met minder verliezen te kampen dan wanneer de infectie gebeurt op het moment dat de planten zwaar beladen zijn. Het is kenmerkend voor de schade veroorzaakt door PepMV dat deze een aantal weken erg hevig is en nadien verdwijnt, om dan eventueel later in het seizoen terug te keren. Het kan dus zijn dat gedurende een bepaalde periode van het jaar de schade veel hoger is, met tot 50-60% niet-vermarktbare vruchten.
Ten slotte zijn sommige tomatenvariëteiten gevoeliger voor kwaliteitsverlies door PepMV dan andere en heeft ook het klimaat een impact. In het algemeen is het zo dat wanneer de plant meer stress heeft door welke reden dan ook, de verliezen groter zijn.

Begin de jaren 2000 werd PepMV een dermate groot probleem in België en Nederland dat er vanuit de tomatensector een dringende vraag was naar ondersteuning en controlemaatregelen. In eerste instantie werd met fundamenteel onderzoek het probleem in kaart gebracht en werd er gewerkt aan een zeer strikt hygiëneprotocol om PepMV infecties te vermijden. Deze strikte maatregelen bleken onvoldoende om de teler te verzekeren van een PepMV vrij gewas. Al gauw werd het onderzoek meer georiënteerd naar concrete, biologische managementtools en werd stap voor stap de PMV®-01 vaccinatiestrategie ontwikkeld om planten te immuniseren om infectie te voorkomen.

Hoe PMV®-01 toepassen?

Vooraleer er van start wordt gegaan met het gebruik van PMV®-01, levert een team van deskundigen gedetailleerde informatie aan de klant over de staalname en de vaccinatie zelf. Tijdens dit gesprek worden ook de verschillende stappen van de teeltcyclus samen met de teler overlopen om aandachtspunten in verband met hygiënemaatregelen te kunnen identificeren. Gewapend met deze informatie kan het team van deskundigen vervolgens advies op maat omtrent deze hygiënemaatregelen leveren aan de teler. Deze maatregelen worden genomen om een optimale vaccinatie te garanderen, maar kunnen bovendien ook belangrijk zijn voor de teler om allerhande andere infecties buiten te houden.

De volgende stap van de vaccinatiestrategie zijn de pre-vaccinatiestalen. Deze stalen worden maximaal 1 week voor planten genomen. Dit kan zowel bij de plantenkweker als bij de teler zelf, afhankelijk van de voorkeur van de teler. Vervolgens worden deze bladstalen verzonden naar het laboratorium Scientia Terrae VZW voor een moleculaire analyse. Daar worden ze geanalyseerd om te controleren of de planten vrij zijn van PepMV. Resultaat van deze analyse wordt verwacht binnen de 3 werkdagen na aankomst in het laboratorium. Tomatenplantjes worden met veel zorg opgekweekt en zijn in de regel vrij van PepMV.

Als dit via de staalname en bijhorende analyse bevestigd is, kan de vaccinatieprocedure opgestart worden. Indien de stalen toch positief voor PepMV zijn, wordt er verder met de klant besproken wat de verdere opties zijn.

Het is aangeraden om zo snel mogelijk na planten te vaccineren voor een optimale werking. De vaccinatie zelf bestaat uit één bespuiting met 4 tot 8 L PMV®-01 /ha verdund in 150 tot 300L water met een druk van 5 tot 7 bar. Belangrijk voor een optimale werking van het product is dat de temperatuur van het product nooit stijgt boven de 15°c gedurende de applicatie. Na de toepassing wordt er een gewasbehandeling geadviseerd zodat het vaccin de plant gemakkelijk en snel kan binnendringen. 4L/ha wordt beschouwd als de standaarddosis voor een optimaal effect en voldoende snelle kolonisatie. Bij hoog risico tot besmetting en noodzaak tot versnelde kolonisatie, mag de dosis worden verhoogd tot maximaal 8 L/ha.

Het vaccin installeert zich ten slotte in de planten. Na een incubatie periode van 4 tot 6 weken, is het gewas beschermd tegen schade door PepMV voor heel het teeltseizoen. In die periode worden er post-vaccinatiestalen genomen door het team van deskundigen om de succesvolle installatie van het vaccin te bevestigen.

pmv-01-application

 

  1. Geven van gedetailleerde info over de hygiënemaatregelen, de staalname en de vaccinatie
  2. Controle of plantjes vrij zijn van PepMV met pre-vaccinatie stalen
  3. Planten
  4. Vaccinatie na planten door te bespuiten met 4-8 L PMV®-01/ha verdund in 150-300 L water.
  5. Bevestiging succesvolle installatie van het vaccin met post-vaccinatie stalen

Hoe werkt PMV®-01?

De PMV®-01 vaccinatiestrategie is gebaseerd op het principe van cross-protectie (kruisbescherming), een bekend mechanisme in de plantenvirologie. Het immuunsysteem van de plant wordt geactiveerd bij een eerste infectie met het Pepino Mosaic Virus. Wanneer de plant nadien nogmaals in aanraking komt met hetzelfde virus, herkent het immuunsysteem van de plant dit en treedt het in werking. Het virus dat de infectiedruk veroorzaakt, wordt dan door de plant zelf onschadelijk gemaakt.

Hoe sterker de overeenkomst tussen de genetische basis van het virus dat de eerste infectie veroorzaakt heeft en het virus dat nadien een infectiedruk veroorzaakt, hoe beter het mechanisme werkt. De actieve stof van PMV®-01 bevat een mild isolaat van de Chileense stam van PepMV. Dit mild Chileens stabiel isolaat installeert zich snel in alle plantdelen zodat het immuunsysteem overal in het gewas geactiveerd is 4 à 6 weken na vaccinatie. Na deze periode is de plant beschermd tegen de volgende aanvallen van agressieve PepMV-isolaten. Het milde isolaat vertoont bovendien geen symptomen op de vruchten en heeft geen effect op de productie noch op de kwaliteit.

Vruchten met PepMV schade

Vruchten vertonen geen PepMV symptomen na vaccinatie

Waarom kiezen tomatentelers voor PMV®-01?

De belangrijkste reden waarom PMV®-01 door tomatentelers gebruikt wordt is dat het zich bewezen heeft als excellente oplossing voor PepMV problemen. Kwaliteits- en opbrengstverliezen te wijten aan PepMV worden vermeden na vaccinatie met PMV®-01. Bovendien wordt de excellente werking van PMV®-01 gegarandeerd door strikte kwaliteitscontroles van het productieproces, terwijl de goede uitvoering van de vaccinatiestrategie verzekerd wordt door een nauwe ondersteuning van onze vaccinatiedeskundigen.

Waar kan PMV®-01 worden gebruikt?

PMV®-01 is heeft een officiële toelating voor het gebruik als biologisch bestrijdingsmiddel tegen PepMV in 14 EU lidstaten waaronder de lidstaten met de belangrijkste tomatenproducties en in Marokko.

PMV®-01 in de actualiteit

Goede resultaten met het PepMV-vaccin in Europese landen
Het erg besmettelijke Pepinomozaïekvirus (PepMV) leidt tot ernstige schade en economische verliezen bij de serreteelt van tomaten.
Bron: http://www.hortidaily.com, 12/10/2017
Lees meer


Europa: vaccinatie maakt vaker deel uit van de teeltstrategie
Er ooit aan gedacht om uw gewas tegen het Pepinomozaïekvirus te vaccineren?
Bron: http://www.hortidaily.com, 9/5/2016
Lees meer


Greentech Horticultures forefront
U bent uitgenodigd om ons te bezoeken op Greentech, You’re invited to visit Greentech, ‘s werelds toonaangevende tuinbouwbeurs.
Bezoek ons op Greentech van 12 tot en met 14/06/2018 op stand T08.104.


Resultaten met PMV®-01?

Tien jaar wetenschappelijk onderzoek en zes jaar ervaring in de commerciële teelt, met meer dan 4500 ha behandeld, hebben aangetoond dat PMV®-01 een betrouwbare oplossing is tegen schade door PepMV in alle verschillende types tomaten, van het kleinste type specialties tot grote vleestomaten, zowel in de belichte als onbelichte teelt, in alle substraat- en bodemtypes en onder verschillende klimatologische omstandigheden. Met de vaccinatiestrategie PMV®-01 worden de typische PepMV vruchtsymptomen niet waargenomen. Daarnaast worden ook de productieverliezen van 4 tot 12% die door een agressieve PepMV-besmetting veroorzaakt worden, vermeden.

De effectieve werking werd onder andere aangetoond in een reeks officiële GEP proeven. In deze proeven werd enerzijds een PMV-01 gevaccineerd gewas en anderzijds een niet-gevaccineerd gewas geïnoculeerd met een agressief PepMV isolaat, en dit een drietal weken na vaccinatie. Het PMV-01 gevaccineerd gewas vertoonde geen kwaliteits- en productieverlies terwijl het gemiddeld productieverlies van het niet-gevaccineerd gewas 7 tot 11% bedroeg.

grafiek-vaccinated-not-vaccinated

Met PMV®-01 gevaccineerde en niet-gevaccineerde gewassen werden 3 weken na de vaccinatiedatum met een agressief PepMV-isolaat besmet. Het met PMV®-01 gevaccineerde gewas vertoonde geen kwaliteits- en geen productieverlies in de uitgevoerde GEP onderzoeken. In deze 4 GEP proeven vertoonden de niet-gevaccineerde gewassen productieverliezen van gemiddeld 7 tot 11%. GEP: Good Experimental Practice.

 

Naast officiële proeven, werd er data vergeleken bij enkele commerciële telers. In het voorbeeld hieronder is te zien dat een teler systematisch hogere producties heeft in specialty tomaten na PMV-01 vaccinatie. Vóóraleer het gewas in kwestie gevaccineerd werd, werd het gewas geteisterd door spontane, agressieve PepMV infecties. Dankzij de vaccinatie waren de planten veel gezonder en krachtiger en kon die groeikracht uiteindelijk omgezet worden in meer opbrengst.

 

Commerciële gegevens van een tomatenteler die een consequent hogere opbrengst van tomatenspecialiteiten verkrijgt na vaccinatie met PMV®-01. Voordat hij het vaccin gebruikte, werd het gewas getroffen door een spontane PepMV-besmetting. Met het PMV®-01 vaccin genieten de gezonde planten van een snellere en productievere groei, wat resulteert in meer opbrengst.